Ik weet niet precies wanneer het gebeurde, maar op een dag ging ik naar Amsterdam en bleek ik ineens een toerist in een buitenlandse stad te zijn. Niet omdat ik een camera om mโn nek had of een fietstocht met een gids volgde die โYes guys, on your left you see the house of Anne Frank!โ riep โ nee, omdat ik in een simpel koffietentje een cappuccino wilde bestellen en de barista mij aankeek alsof ik net Swahili sprak.
โSorry?โ zei ze, terwijl ze verveeld een tattoo met een doodshoofd en een avocado van onder haar mouw krabde.
โEen cappuccino, alsjeblieft.โ
Ze trok een wenkbrauw op. โCould you say that in English, please?โ
Natuurlijk kon ik dat. Maar ik wilde het niet. Niet in Amsterdam. Toch hoor ik mezelf steeds vaker op de automatische piloot zeggen: โOne cappuccino please.โ En dan voel ik me net zo verraden als een Hollandse haring op een veganistische foodmarket.
Amsterdam verengelst. Niet een beetje, nee, alsof de stad door een Engelstalige kolonie is bezet en de burgemeester binnenkort wordt vervangen door een AI-chatbot die alleen nog maar in het Engels antwoordt. Zelfs de straatmuzikanten zingen Coldplay in plaats van Hazes. Het is dat de grachten nog in het Nederlands stromen, anders had ik gedacht dat ik per ongeluk op Heathrow was geland in plaats van op het Leidseplein.
En terwijl ik in mijn beste Engels een broodje hummus probeer te bestellen bij een Scandinavische lunchzaak die door een Italiaanse backpacker wordt gerund, struikel ik bijna over een groepje toeristen. Ze staan midden op het fietspad, selfies te maken met een elektrische bakfiets alsof het een exotisch dier is. Als ik โPAS OP!โ roep, kijken ze me aan met die verwarde blik die je normaal alleen ziet bij mensen die voor het eerst een bitterbal proberen.
Wat ook opvalt: iedereen heeft haast. Niet de normale haast, maar haast alsof de laatste free walking tour elk moment kan vertrekken. Amerikanen rennen alsof ze net hebben gehoord dat de coffeeshops vanaf morgen alleen nog maar kruidenthee serveren. Britten struinen over de Wallen alsof ze de laatste bachelorparty ooit moeten meemaken. En Fransen, tjaโฆ die snijden je gewoon af op de fiets en roepen โPardon!โ met een glimlach alsof dat alles goedmaakt.
Ondertussen zijn de ratten ook bezig met hun eigen sightseeing tour. Ik weet niet of het een PR-stunt van de gemeente is om toeristen weg te jagen, maar het lijkt alsof de ratten van Hamelen zรฉlf besloten hebben om te emigreren naar de hoofdstad. Ze zitten overal. Op straat, in de metro, op de bankjes bij het Vondelpark. Ik zag er laatst รฉรฉn op een step. Serieus. Ze dragen bijna kleine rugzakjes met โI โฅ Amsterdamโ erop.
De stad zucht onder de druk. Er zijn meer Airbnbโs dan sociale huurwoningen, meer tourgidsen dan wijkagenten, en meer bakfietsen dan kinderen. De gemiddelde Amsterdammer โ voor zover die nog bestaat โ loopt met een chronisch opgetrokken wenkbrauw en een ingehouden zucht door de stad. โWat zeg je?โ โOh, nothing, just tired of pretending this is normal.โ
Soms fantaseer ik dat de rattenvangers van Amsterdam, net als die in Hamelen, ons komen redden. Niet door kinderen weg te lokken (die zijn toch al naar Almere gevlucht), maar door al die opblaasbare flamingoโs, overprijsde donuts en โStroopwaffle!โ-roepende toeristen langzaam het IJ in te fluiten. En dat we dan de stad terugkrijgen. Een stad waar je gewoon weer een โkop koffieโ kunt bestellen, waar de slager je โgoeiemorgenโ wenst, en waar niemand je vraagt of je een e-bike kunt huren om โthe countrysideโ te verkennen.
Maar tot die tijd sta ik op het zebrapad te wachten, terwijl een Ierse groep mij bijna omver skatet, roep ik โWhat the hell!โ tegen een Duitser die zโn fiets op mโn voet parkeert en bestel ik in fluisterend Engels mijn latte macchiato.
Ik ben een Nederlander
Maar dan wel eentje die langzaam tweetalig wordt.
Onder dwang.
Ontdek meer van Westfriesland Praat
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.















