BOVENKARSPEL, 25 juni 2026 – De gemeente Stede Broec voldoet aan de wettelijke taken voor toezicht en handhaving in de kinderopvang. Dat blijkt uit het Jaarverslag Toezicht en Handhaving Kinderopvang 2025, dat door het college naar de gemeenteraad is gestuurd. Het verslag maakt deel uit van de jaarlijkse verantwoording die gemeenten volgens de Wet kinderopvang moeten afleggen aan de Inspectie van het Onderwijs.
In het jaarverslag staan de resultaten van het toezicht op kinderdagverblijven, buitenschoolse opvang en gastoudervoorzieningen. De raadsbrief heeft betrekking op de gemeenten Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland. In de brief worden vooral de resultaten voor Stede Broec toegelicht. Volgens het college is in 2025 voldaan aan de wettelijke verplichtingen voor inspectie en onderzoek van kinderopvanglocaties. 26-0090 Raadsbrief Jaarverslag Toezicht en Handhaving Kinderopvang 2025.pdf
Alle kinderdagverblijven en bsoโs gecontroleerd
De GGD heeft in 2025 alle kinderdagverblijven en locaties voor buitenschoolse opvang in Stede Broec geรฏnspecteerd. Daarmee voldoet de gemeente aan de landelijke norm voor toezicht op deze voorzieningen. Ook 52,5 procent van de gastouders is gecontroleerd. Dat percentage ligt volgens de raadsbrief op het niveau dat nodig is om aan de wettelijke verplichtingen te voldoen.
De controles worden uitgevoerd om te beoordelen of opvanglocaties voldoen aan de eisen voor veiligheid, gezondheid, pedagogische kwaliteit en organisatie. De gemeente is verantwoordelijk voor handhaving wanneer tekortkomingen worden vastgesteld. De GGD voert het toezicht uit en brengt daarover advies uit aan de gemeente.
Weinig tekortkomingen vastgesteld
Volgens het college ligt de kwaliteit van de kinderopvangvoorzieningen in Stede Broec hoog. Van alle beoordeelde voorwaarden werd in 2025 bij 1,8 procent een tekortkoming vastgesteld. Daarmee gaat het om een beperkt deel van de onderzochte eisen.
De gemeente stelt dat de kwaliteit en veiligheid van de kinderopvang in 2025 gewaarborgd zijn gebleven. Dat komt volgens het college mede door de samenwerking tussen de gemeente, de GGD en de kinderopvangorganisaties. Door duidelijke afspraken en regelmatig toezicht konden eventuele aandachtspunten tijdig worden opgepakt.
Jaarlijkse verantwoording verplicht
De Wet kinderopvang verplicht gemeenten jaarlijks om verantwoording af te leggen over de uitvoering van toezicht en handhaving. Die verantwoording gaat naar de Inspectie van het Onderwijs. In de landelijke jaarverantwoording staan onder meer gegevens over het aantal inspecties, de resultaten van onderzoeken en de manier waarop gemeenten omgaan met overtredingen.
Het college heeft het jaarverslag opgesteld als aanvulling op de landelijk gegenereerde toezichtinformatie. Daarmee moet de gemeenteraad een completer beeld krijgen van de ontwikkelingen, werkzaamheden en resultaten rond kinderopvangtoezicht in 2025.
Verzending voor 1 juli
De vastgestelde jaarverantwoording Kinderopvang 2025 wordt uiterlijk 1 juli naar de Inspectie van het Onderwijs gestuurd. De gemeenteraad ontvangt het verslag ter informatie. Er wordt in de raadsbrief geen besluit aan de raad gevraagd.
Volgens het college laten de resultaten zien dat de gemeente haar wettelijke rol op het gebied van kinderopvangtoezicht uitvoert. De nadruk blijft liggen op het bewaken van de kwaliteit en veiligheid van de opvang voor kinderen.
Ontdek meer van Westfriesland Praat
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.



















