DEN HAAG, 9 juni 2026 – Pgb-houders die te maken krijgen met hogere lasten door de aanpassing van de Regeling dienstverlening aan huis, kunnen rekenen op compensatie. Dat schrijft minister Mirjam Sterk van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport aan de Tweede Kamer.
De aanpassing volgt op een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep uit maart 2023. Die oordeelde dat pgb-zorgverleners die minder dan vier dagen per week werken niet mogen worden uitgesloten van werknemersverzekeringen. Volgens de Raad leidde de oude regeling tot ongeoorloofde ongelijke behandeling van vrouwen.
Premies worden via SVB ingehouden
Sinds 1 januari 2026 wordt in de pgb-uitvoering al gewerkt volgens de nieuwe regels. De premieafdrachten voor werknemersverzekeringen worden via de Sociale Verzekeringsbank ingehouden. Volgens de minister zijn daarbij tot nu toe geen noemenswaardige fouten gezien.
Wel zijn er signalen dat budgethouders in de knel zijn gekomen. Dat komt onder meer door fouten rond tariefswijzigingen en onduidelijkheid over compensatie. Daarom is een signalenoverleg gestart met zorgkantoren, gemeenten, zorgverzekeraars, de SVB en belangenorganisatie Per Saldo.
Compensatie in september
De werknemersverzekeringen zorgen naar verwachting voor ongeveer 20 procent extra lasten bij een Rdah-overeenkomst. Voor Wlz-budgethouders is inmiddels geregeld dat zorgkantoren compensatie kunnen geven. Die compensatie wordt in september met terugwerkende kracht toegevoegd aan de budgetten van budgethouders die vรณรณr 1 januari 2026 al een overeenkomst onder de Rdah hadden.
Ook voor Zvw-pgb-houders wordt gewerkt aan een vergelijkbare regeling. Zij worden vรณรณr september per brief geรฏnformeerd. Voor Wmo- en Jeugdwet-pgbโs ligt de uitvoering bij gemeenten. De minister roept gemeenten op niet te wachten met compensatie, omdat zij hiervoor al een bijdrage van het Rijk hebben ontvangen.
Onderzoek naar eenvoudiger pgb-regime
Sterk laat ook onderzoeken of het werkgeverschap binnen het pgb eenvoudiger kan worden ingericht. Daarbij wordt gekeken naar wettelijke regels die elkaar raken of botsen. Volgens de minister blijft uitgangspunt dat budgethouders niet zonder noodzakelijke zorg mogen komen te zitten.
Ook bevestigt zij dat de gezondheidssituatie van een budgethouder nooit mag leiden tot een oordeel van verwijtbaar handelen waardoor diegene financieel aansprakelijk wordt.
Ontdek meer van Westfriesland Praat
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.


















