Zittingszaal van een Nederlandse rechtbank bij een strafzaak over bedreiging met een (nep)pistool.

VENHUIZEN/WOGNUM, 12 januari 2026 – D 41-jarige D. O. uit Venhuizen is door de rechtbank veroordeeld voor een ernstige bedreiging met de dood en het bezit van een nepvuurwapen. De feiten dateren van 10 september 2025 en speelden zich af in een context waarin het slachtoffer rechtstreeks werd geconfronteerd met een wapen dat niet van echt te onderscheiden was.

Dreigen met de dood

Volgens de uitspraak richtte O. een pistool op het slachtoffer en dreigde hij deze dood te schieten. Hoewel later bleek dat het ging om een nepvuurwapen, was dit voor het slachtoffer op dat moment niet te onderscheiden van een echt vuurwapen. De rechtbank rekende het de verdachte aan dat hij hiermee doelbewust angst heeft veroorzaakt en de situatie ernstig heeft laten escaleren.

Uw banner hier?

Uw banner hier?

Uw banner hier?

Uw banner hier?

O. is veroordeeld voor bedreiging met de dood en voor het bezit van een niet van echt te onderscheiden nepvuurwapen. Bij het bepalen van de straf hield de rechtbank rekening met zowel de ernst van de feiten als de persoonlijke omstandigheden van O.. Ook werd gekeken naar het advies van de reclassering.

Meldplicht reclassering

De opgelegde straf bestaat uit een taakstraf van 40 uur, met aftrek van het voorarrest. Daarnaast kreeg O. een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand, met een proeftijd van twee jaar. Tijdens deze proeftijd moet hij zich houden aan bijzondere voorwaarden, waaronder een meldplicht bij de reclassering. Deze voorwaarden zijn bedoeld om herhaling te voorkomen en toezicht te houden op het gedrag van de veroordeelde.

Verder heeft de rechtbank het eerder geschorste bevel tot bewaring opgeheven, wat betekent dat de verdachte niet langer vastzit in afwachting van verdere beslissingen. De zaak is hiermee juridisch afgedaan, tenzij een van de partijen besluit in hoger beroep te gaan.

De uitspraak onderstreept dat bedreiging met een (nep)vuurwapen door de rechter zeer serieus wordt genomen. Ook wanneer een wapen niet echt blijkt te zijn, kan de impact op slachtoffers groot zijn en leidt dit tot strafrechtelijke gevolgen. De rechtbank benadrukte dat dergelijke feiten gevoelens van onveiligheid veroorzaken, zowel bij het directe slachtoffer als in de samenleving als geheel.


Ontdek meer van Westfriesland Praat

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Reageer op dit artikel

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.