Collectief warmtenet blijkt niet haalbaar
ENKHUIZEN, 4 februari 2026 – Het project Proeftuin Aardgasvrije Wijken in de Gommerwijk-West in Enkhuizen wordt voortgezet met een aangepaste aanpak. De oorspronkelijke plannen voor een collectief zeer-lage-temperatuurwarmtenet (ZLT) zijn verlaten, omdat uitvoering financieel en organisatorisch niet haalbaar bleek.
De coöperatie Buurtwarmte Enkhuizen (BWE) was initiatiefnemer en trekker van het project en werkte de afgelopen jaren samen met de gemeente, Karel Bolbloemen BV en externe adviseurs aan een collectief warmtenet. Bewoners ontvingen medio 2024 een concreet aanbod om deel te nemen, maar het aantal aanmeldingen bleef achter.
Oorzaken van het stopzetten van het oorspronkelijke plan
Volgens BWE en betrokken partijen was het startpercentage deelnemers te laag om het warmtenet rendabel te exploiteren. Daarnaast stegen de aanlegkosten met bijna 30 procent en moest onverwacht btw worden afgedragen over de ontvangen rijkssubsidie. Ook ontbraken garantstellingen om exploitatietekorten in de eerste jaren op te vangen. Pogingen om alternatieve financiering te verkrijgen, onder meer via BNG en EBN, leverden geen resultaat op.
De gemeente was als adviseur nauw betrokken bij de afwegingen en concludeerde dat de financiële risico’s te groot werden. Het besluit om het oorspronkelijke plan niet door te zetten is daarom gesteund.
Leren binnen een proeftuin
Het project maakt deel uit van het landelijke Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) en heeft nadrukkelijk het karakter van een proeftuin. Doel is om kennis en ervaring op te doen die nodig zijn om uiterlijk in 2040 alle woningen aardgasvrij te maken. Niet alleen het realiseren van aardgasvrije woningen, maar ook het leren wat wel en niet werkt, staat centraal binnen het project.
Overstap naar kleinschalige warmteoplossingen
In plaats van één groot collectief warmtenet wordt nu ingezet op kleinschaligere en flexibelere oplossingen. Daarbij wordt gekeken naar individuele gesloten bodemwarmtepompen per woning en naar mini-warmtenetten met gedeelde bodemlussen voor kleine groepen woningen.
Deze varianten maken een stapsgewijze invoering mogelijk en verlagen het financiële risico, omdat een hoog deelnamepercentage niet langer doorslaggevend is. Ook ontbreekt het zogenoemde vollooprisico, dat bij grotere warmtenetten een belangrijke belemmering vormt.
Goedkeuring aangepaste PAW-subsidie
Om het project te kunnen voortzetten is in overleg met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland een wijzigingsvoorstel ingediend voor de PAW-subsidie. Het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft deze aangepaste subsidiekaders in januari 2026 goedgekeurd, waardoor het project kan doorgaan.
Bodemenergieplan en vervolgstappen
BWE werkt samen met de gemeente en adviseurs aan een bodemenergieplan voor het projectgebied. Het herziene plan combineert individuele keuzevrijheid met een collectieve aanpak, waarbij bewoners per tranche kunnen aansluiten op individuele, duo- of gedeelde bodemlussen. Deelname is vrijwillig en bewoners bepalen zelf het moment van instappen.
De PAW-subsidie wordt ingezet voor het boren van bronnen en als voucher voor woningaanpassingen, zoals isolatiemaatregelen, het verwarmingssysteem en elektrisch koken. Door gezamenlijke inkoop en standaardisering kunnen kosten worden beperkt.
De komende maanden staan in het teken van verdere uitwerking van de plannen, het opstellen van een subsidieregeling en een marktconsultatie. Als voldoende bewoners zich hebben aangemeld, kan naar verwachting in de tweede helft van 2026 worden gestart met de eerste uitvoeringsronde.
Ontdek meer van Westfriesland Praat
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
















